GEIGER-TELLER (VELLEMAN)
De geigerteller is een apparaat om radioactieve straling op te meten. Het geeft een bieb telkens
wanneer straling wordt waargenomen, de bieb versnelt naarmate de radioactiviteit stijgt.
De elektronica: een Velleman-kit die je zelf moet samenstellen.
Een geigerteller bestaat uit een glazen buis die een gas bevat onder lage druk b.v. argon. De buis
bevat twee elektroden, een anode en een kathode, die onder hoogspanning staan. Als alfa-,bèta-
of gammastraling de buis binnendringt, wordt het gas een ogenblik geïoniseerd en de opgewekte
stroomstoot kan een klik of een bieb geven door de gevormde elektronica.
Alfadeeltjes:
Het alfadeeltje bestaat uit 2 protonen en 2 neutronen die hecht verbonden zijn, zoals in de kern
van heliumatomen.
Het atoomgetal van de kern waar het werd uitgestoten vermindert met 2, het atoomgewicht
vermindert met 4.
Alfadeeltjes hebben een sterk ioniserende werking met een zeer korte stralingswijdte, in de lucht
dringen ze maar enkele centimeters door en in organisch weefsel slechts enkele honderdste
millimeters.
Bètadeeltjes:
Zijn negatief geladen elektronen, die de atoomkern verlaten met bijna de lichtsnelheid (300.000
km/sec) , de stralingswijdte is dan ook een 4-5 tal meter door de lucht, en dringen tot 1cm door
organisch weefsel.
Gammastralen:
Dit zijn geen deeltjes, ze zijn elektromagnetisch zoals zonlicht. Gammafotonen zijn heel wat
energierijker dan fotonen uit het zichtbaar spectrum, de straling dringt daarom gemakkelijk door
de meeste materialen heen. Enkel loden platen of dikke betonnen wanden
kunnen voldoende bescherming bieden tegen energierijke gammastralen. De golflengte is
ongeveer 0,000000001mm.
X-Ray's zijn een vorm van energiearme gammastralen.